|
|
|
Fysiotherapie
Een
fysiotherapeut richt zich met zijn behandeling op het bewegend
functioneren van de mens. Stoornissen aan het bewegingsapparaat
kunnen behandeld worden door een fysiotherapeut.
Het
bewegingsapparaat bestaat uit gewrichten met daaromheen kapsels,
banden, spieren, pezen, enz. Ook de aansturing van het
bewegingsapparaat, het zenuwstelsel, heeft een belangrijke functie
die verstoord kan zijn. Klachten die hierin een oorsprong hebben
kunnen eveneens door de fysiotherapeut behandeld worden.
Het
klachtenbeeld kan uiteenlopend zijn:
·
pijn
·
krachtsvermindering
·
beperkingen in
beweging (stijfheid)
·
instabiliteit
·
ademhalingsproblemen
Bij
de eerste afspraak zal de fysiotherapeut u eerst een aantal vragen
stellen omtrent uw klacht (het afnemen van de anamnese). Hierna
volgt een lichamelijk onderzoek om te kijken waar uw klachten door
veroorzaakt worden. Aan de hand hiervan wordt een behandelplan
opgesteld ter reductie van klachten.
Globaal bestaan er 3 soorten behandelingen:
·
Bewegingstherapie:
oefenvormen die passief, geassisteerd actief of geheel actief
uitgevoerd worden om de beweeglijkheid van gewrichten en aanverwante
structuren te optimaliseren.
·
Massage:
een techniek die de spierspanning kan verminderen en de doorbloeding
stimuleert.
·
Fysische therapie:
gebruik van apparatuur waaronder elektrotherapie, geluidstherapie,
warmte- of koudetherapie om herstel van weefsels te bevorderen.
Het
doel van de behandeling is in principe therapeutisch, met
andere woorden, de fysiotherapeut wil de klachten van de patiënt
verhelpen.
Daarnaast kan de behandeling ook preventief bedoeld zijn, gericht op
het voorkomen van herhaling van klachten.
Verdere adviseert, begeleidt en behandelt de fysiotherapeut bij
klachten aan het bewegingsapparaat, waaronder de ledematen en de
wervelkolom. Tenslotte speelt de fysiotherapeut een belangrijke rol
bij de revalidatie na een ongeval, ziekte of een operatie.
Een
fysiotherapeut die is ingeschreven in het Centraal
Kwaliteitsregister Fysiotherapie voldoet aan de eisen die het
KNGF (Koninklijk Nederlands Genootschap Fysiotherapie) stelt.
Hieronder vallen verplichte na- en bijscholingen om de recente
technieken te kunnen uitoefenen en ontwikkelingen in het vak te
kunnen bijhouden. In onze praktijk staan alle fysiotherapeuten
ingeschreven in dit register.
SPECIALISATIES: |
|
|
|
|
|
COPD

Chronische
bronchitis en longemfyseem
Tot voor kort was CARA de verzamelnaam voor astma, longemfyseem
en chronische bronchitis. Bij alle drie is sprake van ontstekingen
van de luchtwegen, maar de oorzaak en behandeling bij astma is heel
anders dan die bij emfyseem en chronische bronchitis. Daarom wordt
de term CARA steeds minder gebruikt. Nu hanteren we voor chronische
bronchitis en emfyseem de afkorting COPD (Chronic Obstructive
Pulmonary Diseases)
Ketenzorg
In
samenwerking met het revalidatiecentrum Breda afdeling “Schoondonck”
( centrum voor longrevalidatie ) is het project ketenzorg COPD
gestart. De multidisciplinaire samenwerking verbetert en
optimaliseert de kwaliteit van de zorg aan de COPD-patiënt. Speciaal
voor deze aandoening is het mogelijk om groepstraining te volgen in
onze praktijk.
Kenmerken van COPD
COPD is een langdurige ontsteking van het slijmvlies van de
luchtwegen. Deze begint vaak met extra slijmvorming. Later
beschadigt de ontsteking de longen. Verkoudheid, luchtweginfecties
of prikkelende lucht, zoals rook, verergeren de ontsteking van het
slijmvlies in de luchtwegen. Ook kunnen kleine luchtwegen hun
stevigheid verliezen waardoor de longen minder rekbaar worden.
De oorzaak van COPD
Verreweg de belangrijkste oorzaak van COPD is (mee)roken, dit
veroorzaakt een lang aanhoudende ontsteking van het slijmvlies in de
luchtwegen. Langdurig werken in een omgeving met bijvoorbeeld veel
steen- en metaalstofdeeltjes in de lucht kan ook tot een ontsteking
leiden. De beschadiging van het slijmvlies verergert geleidelijk
waardoor klachten vaak pas na het 40e levensjaar merkbaar
worden. Verder kan erfelijkheid ook een rol spelen
Klachten
• Hoesten
• Slijm opgeven
• Piepende ademhaling
• Kortademig bij inspanning
Advies
• Stop met roken
• Beweeg (wandel, fiets of zwem)
• Eet gezond voor een gezond gewicht
Volg een trainingsprogramma specifiek voor COPD
Groepstraining
De
groepstraining COPD is aangepast aan uw persoonlijke situatie. U
traint in een kleine groep met mensen die ook luchtwegklachten
hebben. Het beweegprogramma duurt twaalf weken met een frequentie
van 2x per week. Het bestaat uit de volgende onderdelen:
•
Intake en onderzoek:
beoordelen individuele situatie, vaststellen behandeldoelen
•
Oefenen van de ademhaling
•
Spierfunctietraining
•
Conditietraining
Aansluitend kunt
u vervolgens twaalf weken doortrainen met een frequentie van 1x per
week.
U doorloopt het programma samen met
uw fysiotherapeut. Wat levert dit u op? Minder benauwdheid, meer
uithoudingsvermogen en u leert verantwoord bewegen, zodat u daarna
zelfstandig uw conditie op peil kan houden.
Zowel uw huisarts als longarts kunnen u adviseren over lichamelijke
training en u zo nodig hiervoor verwijzen. Indien uw longfunctietest
een FEV1 < 60% scoort wordt de behandeling vergoed door uw
zorgverzekeraar. De praktijk heeft een contract met vrijwel alle
zorgverzekeraars.
Ervaringen vanuit de praktijk kunt u nalezen in het artikel
“COPD/Longrevalidatie geeft letterlijk en figuurlijk lucht” ,
weekblad voor Dongen, 24 mei 2007 week 21
Download
hier een kranten artikel over DOPD.
Claudicatio intermittens (etalagebenen)
Wat is claudicatio intermittens?
Tijdens het lopen hebben de beenspieren meer zuurstof nodig dan in
rust. Als u sneller loopt of een heuvel opgaat, gebruikt u meer
zuurstof. De klachten ontstaan doordat bij etalagebenen de slagaders
van het been door aderverkalking vernauwd zijn. De vernauwing zorgt
voor een verminderde aanvoer van bloed en dus van zuurstof naar de
benen. Dat zorgt voor pijnklachten tijdens het lopen, in uw voet,
kuit, dijbeen of bil, afhankelijk van de plaats van de
bloedvatvernauwing. Als u stilstaat, komen de spieren tot rust en
kan het zuurstoftekort worden aangevuld. De klachten nemen dan weer
af.
De pijn die optreedt tijdens het lopen kan uw dagelijks leven
behoorlijk verstoren, zowel thuis, op het werk, als in uw sociale
contacten. Bovendien vermindert uw conditie als u door de klachten
te weinig beweegt.
Doordat het lopen pijn gaat doen, gaat u op een andere geforceerde
manier lopen.
Als de aandoening langer bestaat kunt u ook last krijgen van koude
voeten, het ontbreken van een onderhuidse vetlaag of verdikte
teennagels. Wondjes aan been of voet genezen minder goed en gaan
soms zweren.
Risicofactoren voor het ontstaan van
etalagebenen
Wat voor hart- en vaatziekten in het algemeen geldt, gaat ook op
voor etalagebenen.
• De grootste risicofactor is roken
• Een te hoge bloeddruk, een te hoog cholesterolgehalte of
suikerziekte
• Overgewicht
• Te weinig beweging
• Soms zit het in de familie
Meerder risicofactoren versterken elkaar.
Heeft u klachten zoals hierboven beschreven
doe er dan iets aan!
Als u denkt dat u last heeft van etalagebenen, dan is het goed om uw
huisarts of fysiotherapeut te raadplegen Met een goede aanpak zullen
uw klachten niet verder toenemen, maar zelfs afnemen.
Wat kan fysiotherapie voor u betekenen?
Door de pijn bent u geneigd minder te bewegen waardoor de klachten
alleen maar verergeren.
De fysiotherapeut helpt u om in beweging te blijven en de problemen
door etalagebenen te verminderen in uw dagelijks leven.
Wat kunnen wij voor u doen?
Als u zich bij ons meldt gaan we eerst uw klachten uitgebreid met u
bespreken. Om uw maximale loopafstand en uw conditie vast te
stellen, doet u een test op de loopband. Vervolgens stellen wij
samen met u een persoonlijk trainingsschema op. Tijdens de
trainingsperiode doet u regelmatig de looptest opnieuw om uw
vorderingen bij te houden.
De training richt zich op het vergroten van uw maximale pijnvrije
loopafstand en het verbeteren van uw conditie. Daarnaast zullen wij
u begeleiden in het verbeteren van uw looptechniek, zodat u tijdens
het lopen minder zuurstof verbruikt en minder pijn zult voelen.
De eerste weken begeleiden wij u zeer intensief. Daarna wordt de
begeleiding langzaam afgebouwd en gaat u steeds meer zelfstandig
trainen.
Het blijft belangrijk dat u elke dag veel beweegt en meerdere keren
per dag loopt zoals u tijdens de training hebt geleerd.
Daarnaast is een gezonde leefstijl zeer belangrijk.
Als er bij u sprake is van “claudicatio intermittens” krijgt u op
verwijzing van huisarts of specialist de behandelingen vergoed door
uw zorgverzekeraar.
Tevens neemt de praktijk deel aan een twee jaar durend onderzoek
door de afdeling vaatchirurgie van het Amphia ziekenhuis. De
effectiviteit van looptraining onder begeleiding van de
fysiotherapeut wordt hierbij wetenschappelijk onderzocht.
Indien u vragen heeft kunt u bij ons terecht.
Marion Leijten en Monique van Berkel hebben zich hierin
bijgeschoold.
McKenzie
therapie
Het McKenzie concept
Deze methode voor a-specifieke rugklachten is in de jaren vijftig
ontwikkeld door Robin McKenzie, een fysiotherapeut uit Nieuw
Zeeland. Het blijkt dat voor 80% van de a-specifieke rug- en
nekklachten geen duidelijke oorzaak aan te geven is. Het McKenzie
concept gaat van een ander idee uit. Aangezien de oorzaak van de
rugklacht, nog steeds niet gevonden is, lijkt het beter om van het
klachtenbeeld van de patiënt uit te gaan. Kijk hoe houding en
herhaald bewegen de klachten beïnvloeden.
Anatomie van de wervelkolom,
De ruggengraat is opgebouwd uit bot (wervellichamen) en weke delen
(tussenwervelschijven). Overbelasting van de rug in het dagelijks
functioneren is vaak te wijten aan het disfunctioneren van de
tussenwervelschijf (discus). Ten gevolge hiervan ontstaat druk op de
zenuwbaan wat pijnklachten veroorzaakt. De pijn kan uitstralen in
het been.
Tussen
de wervels zitten de tussenwervelschijven die vaak een belangrijke
rol spelen bij het ontstaan van rugklachten. Vooral de onderste twee
tussenwervelschijven worden vaak zwaar belast. ( 4 en 5 )
Met name in verticale positie (zitten, staan, lopen ) zijn de
krachten op de wervelkolom en de tussenwervelschijf het grootst.
Op het Plaatje: intradiscale druk in de derde lumbale
tussenwervelschijf bij de volgende lichaamshoudingen (v.l.n.r.):
rugligging, zijligging, staand, staand 20 graden voorover gebogen,
idem met een gewicht van 20 kg, zittend zonder steun, zittend 20
graden voorover gebogen en idem met een gewicht van 20 kg.(naar
Nachemson)
Behandeling
In het bewegingsonderzoek wordt met herhaalde bewegingen gekeken wat
de mechanische invloed is op de klachten. Wat provoceert en wat
reduceert de bestaande klachten. De behandeling is een vorm van
oefentherapie die middels passieve (door de therapeut) en actieve
(door de patiënt) technieken als doel heeft de tussenwervelschijf
weer normaal te laten bewegen. Hierdoor zal ook de wervelkolom weer
optimaal bewegen. Bij een soepel scharnierende wervelkolom is de rug
beter belastbaar en is de draagkracht van het lichaam groter. Het
bijhouden van thuisoefeningen draagt bij tot het effect op langere
termijn.
Marion Leijten en Monique van Berkel voeren de McKenzie therapie
uit.
|
|
|